AMSTERDAM (DFT) - De
toekomst van UPC hangt af van de introductie van
interactieve televisie, zo stellen marktvorsers. Het
kabelconcern moet echter opschieten met de uitrol ervan
voordat concurrenten indringen op zijn marktpositie. En
dan is er nog geen garantie dat UPC uit de financiële
nood komt.
´Je krijgt veel te weinig, als je
kijkt wat je voor interactieve tv moet betalen.´ Dit
stelt Monique van Dusseldorp, directeur van adviesbureau
Van Dusseldorp & Partners, dat onder meer jaarlijks
het congres ´TV meets the web´ organiseert. ´UPC heeft
wel een goede propositie, maar vult niet die niet goed
in en besteedt bovendien te weinig aandacht aan zijn
klanten´, vult analist Matthijs Leendertse van de
onderzoeksorganisatie aan. Bij UPC worden de
tekortkomingen ten aanzien van de klanten sinds vorig
jaar erkend, toen klanten een eenmalige restitutie
ontvingen voor de trage snelheid van hun
internetverbinding via de kabel.
De introductie van interactieve tv
verloopt evenmin vlekkeloos. UPC kampte vorig jaar al
met een vertraging in de uitrol van settopboxen, de
kastjes die nodig zijn om internet, email en andere
interactieve diensten via de televisie mogelijk te
maken. Door deze vertraging werd de doelstelling om
vorig jaar 30.000 klanten aan te sluiten niet gehaald.
Desalniettemin handhaaft UPC de verwachting voor het
eind van dit jaar om 250.000 klanten te voorzien van
interactieve televisie.
Het bedrijf twijfelt inmiddels echter
zelf ook of de grote verwachtingen van interactieve
televisie zullen uitkomen. ´De groei zal stabiel en niet
spectaculair zijn´, aldus Rob Shepherd, bij UPC
verantwoordelijk voor de interactieve televisiediensten.
UPC heeft daarom na vorig jaar de
strategie voor de interactieve tv-diensten aangepast. De
kabelorganisatie probeert nu de interactieve diensten te
slijten via zowel de televisie als de computer. In
september introduceert het de snelle internetverbinding
via de televisie in Nederland, Oostenrijk en Frankrijk.
Nederland is geen geschikt land om de
digitale strategie uit te rollen, zo stelt Van
Dusseldorp. ´We hebben al genoeg aan 25 kanalen via de
kabel, dus waren zouden we betalen voor meer zenders?´
Zij wijst daarbij op de ervaringen van een filmzender
als Canal Plus, die met ´super aansprekende content´ nog
steeds verlies draait. De enige landen waar
betaaltelevisie tot nu toe echt van de grond is gekomen,
zijn Engeland en Duitsland. Verbazingwekkend is dit
niet. In beide landen hebben kijkers maar vier kanalen
om uit te kiezen. ´Dan willen mensen wel betalen voor
wat extra zenders.´
In deze landen lopen ze echter niet
warm voor de interactieve diensten die worden
aangeboden. Video-on-demand (VOD), waarbij het mogelijk
is om films via de televisie op te roepen, blijkt weinig
succesvol, terwijl het van de kabelaanbieders om een
enorme investering vraagt. ´In Engeland schijnen mensen
een serie als Eastenders meestal te kijken rond of op
het tijdstip waarop het normaal gesproken wordt
uitgezonden´, aldus Van Dusseldorp. Voor het nieuws
geldt hetzelfde: kijkers zetten de buis aan en kijken op
hetzelfde moment als de uitzending op de reguliere
televisie verschijnt.
Volgens Van Dusseldorp onderschatten
aanbieders van interactieve televisie hoe graag mensen
reageren op dingen. Programma´s als ´Big Brother´ en
´Starmaker´ hebben dat duidelijk laten zien. ´Starmaker
zorgde voor zo´n 120.000 sms-berichten per dag. Van
Dusseldorp denkt dan ook dat deze aanbieders meer waarde
in dit soort toepassingen moeten zoeken, die bovendien
relatief goedkoop zijn. ´Mensen willen niet betalen voor
het ontvangen van een show met Martijn Krabbé, maar
hebben wel geld over voor een duur telefoontje om te
reageren op het kapsel van de presentator.´
Van Dusseldorp vindt dat UPC geen
interactieve programma´s moet aanbieden, maar dat moet
overlaten aan omroeporganisatie. Het kabelbedrijf moet
zich meer richten op de infrastructuur die het biedt
voor interactieve diensten. ´Een Chinees kanaal zou UPC
als platform kunnen gebruiken om Chinese kijkers te
bereiken.´ Zij begrijpt dan ook niet waarom de
kabelorganisatie zelf zoveel investeert in het
ontwikkelen van eigen televisiezenders. Volgens Van
Dusseldorp zou UPC zijn infrastructuur moeten
openstellen voor programma-aanbieders en voor de toegang
tot een groot kijkerspubliek moeten laten betalen.
´UPC wil teveel´, aldus Leendertse.
´En nu komen ze met interactieve televisie terwijl er
nauwelijks interactieve programma´s zijn.´ Bovendien is
het de vraag of UPC er goed aan doet interactieve tv aan
te bieden als er vrijwel geen settopboxen zijn. Op de
kastjes die interactieve televisie mogelijk maken,
zullen in eerste instantie nauwelijks interactieve
diensten worden aangeboden maar vooral toepassingen als
email en internet. ´Met andere woorden, UPC biedt
interactieve televisie niet goed aan.´